
Een route bedenken op North Sea Jazz is een frustrerende bedoening. Het programma loopt over van de waanzinnige acts met bij elkaar een leger aan topbassisten die je nooit allemaal kan zien. Wie bedacht bijvoorbeeld dat Esperanza Spalding en Vincen Garcia tegelijk zouden moeten spelen? Om maar wat te noemen. En dan speelt op datzelfde moment ook nog een Jon Batiste, die ondanks dat hij geen bassist is, ook niet te missen is.
door Marco Vlot, foto's Eric van Nieuwland
De NPO zendt tot en met zondagavond 24 uur lang streams uit van de concerten, met Steve Coleman, The Roots, Kokoroko, Leif de Leeuw en vele anderen. Via bijvoorbeeld Ziggo kan je ze ook terugkijken.
Terwijl Vincen Garcia in de ene zaal zijn razendsnelle fingerstyle funk op het publiek afvuurt, laat Nick Clark bij de voormalige bandleider van de The Late Show van Stephen Colbert zien hoe veelzijdig hij is. Jon Batiste beperkt zich niet tot een genre en beweegt tijdens zijn optreden in de Nile van rock naar soul, van jazz naar klassiek en van gospel naar dance. Dat vraagt om meerdere geluiden, en muzikale kameleon Clark tovert die schijnbaar moeiteloos uit zijn basgitaar, contrabas of synthesizer. Hij blijkt zelfs met een cowbell overweg te kunnen als de muziek daarom vraagt.
Eerder op de dag was er een bijzonder onderonsje tussen Christian McBride, die geen introductie nodig heeft, legendarische drummer Questlove en toetsenist Robert Glasper. Wat het optreden bijzonder maakte, is dat deze muzikanten naar verluidt voor het eerst met elkaar speelden. Heel erg jazz allemaal. Het trio, later aangevuld met twee blazers, kreeg van Questlove de naam ‘Premarital Sextet Minus One’ mee, en met de Roots-drummer achter de kit wekt het geen verbazing dat het een overwegend funky bedoening werd. Genoeg reden voor McBride om de nodige smaakvolle grooves uit zijn basgitaar te toveren. Het mooist om te zien was echter hoe de bassist, nu met contrabas, volop aan het genieten was van het spel van zijn medemuzikanten.
Van een hele andere orde, vooral qua aantal mensen op het podium, was het optreden van Snarky Puppy samen met het Metropole Orkest. De tientallen in wit geklede muzikanten speelden het album Somni, en zoals het de band onder leiding van vriend-van-De-Bassist Michael League betaamt, oversteeg het optreden genres, werelddelen en muzikale grenzen. League stak zijn bewondering voor het orkest onder leiding van Jules Buckley niet onder stoelen of banken, en daar moeten wij de beste man volledig gelijk in geven.
Maar waar is die priegeljazz waar North Sea Jazz ook om bekend staat? Nou, bij saxofonist Steve Coleman bijvoorbeeld. Voor het ongetrainde oor klinkt het misschien alsof het kwartet - twee blazers, drums en Rich Brown op bas - allemaal hun eigen ding doet, maar niets is minder waar. Niet alleen komen alle contrasterende melodielijnen en ritmes op onverwachte momenten bij elkaar, maar met name Brown houdt, als een rots in de chaotische branding, de boel bij elkaar.
The RH Factor viert het werk van jazzgigant Roy Hargrove, en we moeten het zeggen: baslegende Reggie Washington steelt de show. Misschien is het zijn opvallende broek, of zijn sik, maar waarschijnlijk ook de diepe grooves die hij uit zijn bas pompt. Net als bij Jon Batiste zitten er twee drummers op het podium. We moeten toch eens aan onze collega's van de Slagwerkkrant vragen waarom dat is.
De Nile wordt afgesloten door The Roots, en van die band verdient Damon ‘Tuba Gooding Jr.’ Bryson een speciale vermelding. De man beweegt niet alleen onvermoeibaar over het podium, maar met zijn sousafoon blaast hij ook nog eens het nodige sublaag de zaal in. Bassist Mark Kelley beweegt ondertussen net zoveel en is qua uitstraling alleen al misschien wel de coolste bassist van het festival. Daar komt bij dat hij een solide fundering legt, samen met drummer Questlove, waar rapper Black Thought zijn tongbrekende raps over neerlegt. En hij heeft rode snaren op zijn bestickerde bas. Alles bij elkaar: helemaal top.
Morgen meer reportages!