De eerste keer dat ik Silly Putty van Stanley Clarke hoorde, was nog vóór ik kennis maakte met zijn all-star jazzrockband Return To Forever. Silly Putty vond ik te gek, en bijna was ik van Alembics gaan houden. Return To Forever vond ik een drama, maar in mijn eerste jazzrockbandje had ik Space Circus te coveren. Wat een klotennummer, en vooral: ik had nog nooit zo'n pokkenbas gehoord. Na enig zoekwerk bleek dit moois door Stanley op een Gibson EB gespeeld te zijn. Gelukkig had ik toen nog een Rickenbacker die ook zo kon klinken.
Later hoorde ik Clarke erg fraaie dingen doen op contrabas, bij Chaka Khan. Maar op een North Sea Jazz-dag wist ik weer niet hoe snel ik de zaal uit moest komen toen hij op zijn kleine Alembicje begon te ratelen. Silly Putty blijf toch een mooi stuk, en met Marcus Miller en Victor Wooten heeft mijnheer Clarke toch ook maar weer een mooi stukje baspornografie afgeleverd. Waarop hij ook nog eens voor de meest creatieve momenten zorgt. En: hij klinkt eigenlijk best goed op basgitaar! Beter dan vroeger zelfs. Tegelijk met de Helix-bassen (zie elders in dit blad) leverde Otto van Amstel van Back & Forth ook Clarke's nieuwste speeltje bij mij af: de Spellbinder II, € 4000,- schoon aan de haak, dus er worden wat nieuwe haakjes in de muur geslagen om de lat op te leggen.
De Spellbinder II wordt voorlopig in een oplage van 125 stuks gebouwd. Eerder was er een serie van 50, in kunststof. Hiervan zijn de mallen vernietigd, om de uniciteit van de bassen te waarborgen. Otto vertelt dat de eerste paar van serie II na voltooiing zó de container ingingen: ze werkten niet. Waarom vermeldt de historie niet, maar ik had graag die container geleegd... Wij beschikken over nummer 12, achterop met een zilveren stift gesigneerd door de maestro himself en door de inspirator van dit moois: de heer Rick Turner. Bekende naam: in het verleden betrokken bij Alembic en in een recenter verleden verantwoordelijk voor de 'Renaissance-bas’, een zeer fraaie en toch betaalbare halfakoestische bas, onder andere in gebruik bij John McVie van het onvolprezen Fleetwood Mac. En dat terwijl Rick Turner vooral de bouwer is van Stan The Man's eerste neck-through-body bas. En ene Thomas Lieber de échte bouwer is van dit instrument. In het verleden participeerde hij in diverse projecten ronde The Grateful Dead - waar ook Alembic ontstond. Sinds 1980 is hij samen met Clarke eigenaar van het Spellbinder-project
Mooi stukje contrabashout
Uit de tas (ondanks de aanzienlijke prijs wordt de Spellbinder zónder flightcase geleverd...) valt allereerst het mooie stuk toonhout op dat voor de body gebruikt is: een prachtig langzaam gegroeid stuk fichte, waaruit minstens vier topviolen hadden kunnen worden gebouwd. Of een mooie zangbodem voor een klavecimbel. Of, natuurlijk - wat anders! - , een contrabas-bovenblad. Ook erg mooi: de ingelegde toon- en volumeknoppen. En de ebben toets, met de supersmalle (mandoline?-)frets. Onversterkt blijkt meteen dat we met een topinstrument te maken hebben. Al liggen de snaren naar mijn smaak wel erg dicht op de toets, en rammelt de losse E-snaar zo erg dat ik wat in de topkam heb aangepast. Erg prettig is de 'hiel' bij de kop van de hals: je voelt goed waar je hand is, en als de bas een keer achterovervalt breekt de kop minder snel. De elementen zijn van Kent Armstrong, en zijn schakelbaar in single, humbucking en dubbel enkelspoels. Met de mechanieken is natuurlijk ook niks mis.
Onder de 'motorkap' ziet alles er op het eerste gezicht ook prima uit. Goede potmeters, kwaliteitsbedrading, en een goede schakelaar zoals je die ook in een Rickenbacker tegenkomt. De schroeven van de afdekplaat komen in helicols terecht, zoals het hoort bij een instrument in deze prijsklasse. Of toch niet? Rond één van de helicols zit een diepe scheur, en een stukje hout zit zelfs los. Hier had echt iemand geen zin om z'n werk af te maken. Dit scheurtje had gewoon netjes opgevuld moeten worden. Maar: een detail, en eenvoudig te repareren.
Versterkt doet deze bas echt iets. Dit is een bas met een geheel eigen karakter. Neem deze bas niet mee naar een bluesgig, en ook niet naar een behangschnabbel. De geluiden die je daar nodig hebt krijg je niet cadeau. Maar dit ding knalt wel. Eigenlijk klinkt deze bas… als Stanley Clarke! Het geratel, het is er. Silly Putty, het zit er in. De felle middentonen-duikvluchten, ze zijn er. De schakelaars geven geen grote nuanceverschillen, maar maken wel een bruikbaar verschil. Hoewel ik ze vooral in de humbuckingstand zou gebruiken.
Live on stage: Stanley Clarke in een coverband
Op m'n bastorentje klinkt de Spellbinder enorm. 'Lekker boos', vindt m'n drummer. Aangezien de bas passief is, draai ik er wat laag bij op m'n versterker. Dan blijkt ook de kwaliteit van de bas; er valt extra laag te versterken. En dat is wel eens anders: veel bassen kunnen dat extra laag niet hebben - wat er gewoon niet is, kun je ook niet versterken. Het geluid van de Spellbinder snijdt door iedere mix. Misschien wel meer dan je lief is. Victor Wooten en Marcus Miller zullen het er best zwaar mee hebben gehad… Jammer is dat de bas voor mijn speelstijl eigenlijk te laag afgesteld staat. Maar er valt te horen waartoe ie in staat is, en dat is heel wat. Dit ding knalt, scheurt, funkt en - met wat extra laag - beukt iedere mij bekende bas opzij.
Conclusie
Als 'alles kan kapot' je motto is, dan is dit jouw bas. Met een andere afstelling kan de bas misschien ook een fluwelen partij aan, maar daar zou ik 'm niet primair voor kiezen. Is het een aanrader? Hangt ervan af. Het is een goed gebouwd instrument, met een stevig prijskaartje. Het is een instrument met solopretenties, niet echt een pompiediepom-bas. Soul kun je vergeten, al stop je drie sponzen onder de snaren. Dus koop 'm niet als je enige instrument. Maar wil je een avond knetteren, soleren, funken en scheuren, dan is dit je tweede bas. Niet voor een rustig huwelijk, maar wát een geweldige buitenbas.
STANLEY CLARKE SPELLBINDER
Toets: ebben, 24 frets
Hals: 34”, driedelig, kwartiersgezaagd esdoorn, gelamineerd
Body: tweedelig, kwartiersgezaagd fichten
Hals: hoogglans zwart, body hoogglans blank
Elementen: Kent Armstrong
www.spellbindercorp.com