Het Amerikaanse merk Eastwood timmert alweer enkele jaren aan de weg met kwalitatief goede heruitgaven van of varianten op aparte bassen en gitaren. Kay, Hopf, Airline, Wander, Höfner, Ampeg en Mosrite zijn enkele van de merken waardoor Eastwood beïnvloed is. De Bassist kreeg van de sympathieke en zeer jonge Nederlandse importeur Marijn Westerlaken (Digitaar) drie heel verschillende exemplaren in bruikleen. Ze zijn gebaseerd op respectievelijk een Ampeg Scroll Bass, een Mosrite Side Jack Bass en een Gretsch 6072.
Verre Oosten
Eastwood is een Amerikaans merk, maar achterop de instrumenten vinden we stickers met ‘Made in China’. Dat is vrij logisch als je de prijzen bekijkt. Sommige instrumenten komen uit Korea, maar de door ons geteste instrumenten zijn toevallig alle Chinees. Voor zusterblad Musicmaker hadden we de ‘Jack White’ Airline-bas al getest, die prima beviel. We zijn dus benieuwd naar de rest van de serie.
Ampeg
Als eerste bekijken we de EEB-1, die gebaseerd is op de Ampeg Scroll Bass oftewel AEB-1. Ampeg Electric Bass lijkt op Eastwood Electric Bass; u snapt het! Net als het origineel wordt de bas zowel gefret als fretloos (EUB-1) geleverd, maar we kiezen voor de versie met frets. Voor het echte Rick Danko/The Band-gevoel, hadden we eigenlijk voor de tandeloze variant moeten gaan.
Qua constructie is de bas een beetje ‘Fender meets Gibson’. Van het eerste merk leent de bas de 34”-mensuurlengte en van het tweede merk de mahoniehouten body. Dit laatste maakt de bas iets duurder dan de andere hier besproken Eastwoods. De body bevat een humbucker, een Fender-brug met Precision-kap en een slagplaat die bijna de hele body bedekt. Het opvallendst zijn natuurlijk de f-gaten die door de body heen gaan! Een klein minpuntje voor deze Eastwood: de slagplaat sluit niet overal even goed aan op deze f-gaten. Qua knoppenarsenaal heeft deze passieve bas alleen volume en toon. De vier snaren lopen over een 20-frets palissander toets naar de bijzondere kop, waarbij de stemmechanieken op een aparte manier zijn gemonteerd. Denk aan een Spaanse gitaar of een jaren ’70 ‘slothead’ Gibson EB3. De Gibson had een contrabasachtige scroll-kop, vandaar de bijnaam, maar de Eastwood heeft een geheel eigen rechthoekige versie.
Akoestisch heeft de bas al dat neuzige van mahonie, dus we zijn benieuwd hoe hij elektrisch klinkt. Ingeplugd in de versterker horen we inderdaad de neuzige toon van een Gibson terug, gecombineerd met het felle van een Fender. Het geluid is niet superwarm, maar door veel mid knalt deze bas lekker door een geluidsmix. Vanwege het enkele element is er weinig variatie mogelijk, maar het basisgeluid is prima bruikbaar in veel bandsituaties. De meeste bekende Ampeg-bassisten speelden op de fretloze variant en de gekozen houtsoorten lijken qua geluid daar ook op afgestemd. Toch is de gefrette versie een prima klinkende bas met een fantastisch uiterlijk.
Mosrite
Vervolgens is de Hi-Flyer aan de beurt. Ook deze lijkt qua constructie een combinatie van Fender en Gibson, maar dan op een totaal andere manier dan de EEB-1. Dit shortscale (30,5”) instrument combineert namelijk een gelijmde hals en de korte mensuurlengte (beide Gibson) met het wat goedkopere basswood, wat we ook bij diverse Squiers terugvinden. De opvallende bas heeft twee dikke P90-achtige elementen die direct ‘Mosrite’ schreeuwen en onder de brugkap zit dit keer een goedkopere Fender-achtige brug met twee in plaats van vier zadels. Een dergelijk brug is iets moeilijker af te stellen, maar voor een paar tientjes zet je er zelf een brug met vier zadels op. Verder zien we op de body een mooie slanke slagplaat met mastervolume en -toon, en een elementschakelaar met drie standen: brugelement, halselement of beide. Het belangrijkste aan de bas is natuurlijk de typische vorm van de kop (met de ‘M’ van Mosrite), de langere onderste hoorn, het schuin geplaatste halselement en de zogenaamde ‘German carve’. De bodyrand is getrapt.
De Hi-Flyer is een stukje goedkoper dan de EEB-1, maar het instrument voelt duurder aan. De bas is mooier afgewerkt, er is meer aandacht besteed aan de details, zoals de perfect kloppende elementen, en het geheel voelt wat steviger aan.
Ook ingeplugd overtuigt deze bas meer. Met twee elementen is er veel mogelijk qua geluid. Van een lekker oldschool vet soulgeluid tot een felle punk en alles ertussenin. Van de betaalbare Chinese bassen weten we dat de potmeters slecht zijn. Deze zijn meer ‘aan/uit’ dan lineair. Dit kan een nadeel zijn, maar in de praktijk betekent het voor de Mosrite-kopie dat je per element kan kiezen tussen helderheid en vetheid, en zo heb je toch een aantal prima geluiden. Het halselement solo is warm, maar transparant; het brugelement met de toon teruggedraaid geeft een heerlijk wollig vintage geluid. En met beide elementen open en de toon op nul krijg je een haast autowah-achtig geluid. In het algemeen is het geluid lekker strak en vet, maar zonder het neuzige van de EEB-1. De E-snaar, vaak een probleem op shortscales, is strak genoeg.
Gretsch
Als laatste leggen we de hand op een Classic 4. De trouwe lezer ziet direct de overeenkomsten met de Gretsch White Falcon die besproken is in De Bassist nummer 7. De Classic 4 is een halfholle bas, waarbij de vorm van de body, slagplaat en de elementen duidelijk zijn geïnspireerd op Gretsch. Door een halfholle in plaats van een volledig holle body en de korte mensuurlengte is de constructie echter meer te vergelijken met een Gibson EB2, Epiphone Rivoli of Guild Starfire.
Opvallend is de toepassing van de palissander brug, zoals we al eerder zagen op de Höfner Contemporary Series en de Kay Pro, besproken in De Bassist nummer 8. Door deze brug is de onderlinge snaarafstand over de hele lengte van de bas kort en dat is even wennen. Qua sound doet de bas precies wat je verwacht. Je voelt je meteen ‘back in the sixties’ met een heerlijk warm, wollig geluid. In de jaren ‘60 speelde bijna alle Britse bands op dit type bassen en een beetje britpopbassist moet dan ook een halfholle bas hebben! Met het brugelement is er genoeg helderheid bij te draaien en ook deze bas is veelzijdig genoeg om diverse genres aan te kunnen. Met de door ons geteste Gretsch van 3.500 euro is de Eastwood natuurlijk niet te vergelijken, maar als je een betaalbare en lekker jaren ’60 klinkende bas zoekt, dan is de Classic 4 een goede keus.
Conclusie
Eastwood maakt niet alleen prachtig ogende, maar ook zeer goed klinkende instrumenten. Natuurlijk zijn het geen exacte kopieën van de originele instrumenten, maar de detaillering gaat ver en meestal zijn de bassen op een prima manier aan de moderne tijd aangepast. We praten over zeer betaalbare bassen, dus de hardware is niet altijd top, maar bij welke bas in deze prijsklasse is dat wel zo? Uiteindelijk val je met deze drie bassen ontzettend op en je geluid is prima en zeer eigen.
De Classic 4 is een typische semi-solid. Dus lekker voor akoestische optredens, 60’s pop en het retro-geluid dat nu zo in is. En met zo’n prijs is het een prima bas voor naast je standaard P of J. Van de drie is de EEB-1 qua geluid het minst opvallende, maar het uiterlijk maakt natuurlijk veel goed. Het typische neuzige geluid is zeker bruikbaar en het duwt goed door de mix tijdens optredens. Fretloos komt dat zangerige echter vast nog meer uit de verf. Als je een betaalbare en mooie fretloze bas zoekt is de EUB-1 zeker de moeite waard om te bekijken.
Dan eindigen we met de winnaar van deze test: de Hi-Flyer. Of je nu classic pop als The Ventures maakt, punk à la Ramones of iets er tussenin: deze bas kan alles aan. Ze speelt lekker en licht, het geluid is lekker eigen, het uiterlijk is klassiek en punk en voor de prijs hoef je het al helemaal niet te laten. Toon een beetje lef en koop jouw favoriete Eastwood!
Eastwood EEB1
Kleur: sunburst (zwart leverbaar)
Lak: polyester
Body: mahonie
Nek: esdoorn, geschroefd
Toets: palissander
Frets: 20, medium
Pick-up: 1 humbucker
Potmeters/schakelaars: volume en toon
Brug: ‘Fender’-type, 4 zadels
Stemmechanieken: Grover
Hardware: chroom
Slagplaat: zwart kunststof
Mensuurlengte: 34”
Breedte bij topkam: 41 mm
Eastwood Hi-Flyer
Kleur: wit (zwart en sunburst leverbaar)
Lak: polyester
Body: basswood
Nek: esdoorn, gelijmd
Toets: palissander
Frets: 20, medium
Pick-up: 2 ‘P90’ singlecoils
Potmeters/schakelaars: volume, toon, driestanden-elementschakelaar
Brug: ‘Fender’-type, 2 zadels
Stemmechanieken: Gotoh
Hardware: chroom
Slagplaat: zwart kunststof
Mensuurlengte: 30,5”
Breedte bij topkam: 41 mm
Linkshandige versie leverbaar (sunburst)
Eastwood Classic 4
Kleur: walnut (oranje en wit leverbaar)
Lak: polyester
Body: esdoorn
Nek: esdoorn, gelijmd
Toets: palissander
Frets: 22, medium
Pick-up: 2 ‘retro’ humbuckers
Potmeters/schakelaars: 2 x volume, toon, driestanden-elementschakelaar
Brug: palissander met los staartstuk
Stemmechanieken: Gotoh
Hardware: chrome
Slagplaat: goud kunststof
Mensuurlengte: 30,5”
Breedte bij topkam: 38 mm
Linkshandige versie leverbaar (walnut)
Koffers zijn tegen meerprijs leverbaar.
www.eastwoodguitars.com / www.digitaar-wil-ik.nl