Speciaal voor de huidige tour is Tony Levin’s laatste solo cd uit 2007 opnieuw uitgebracht. Een goede reden dus om deze eens kritisch te beluisteren. Wie Tony Levin niet kent zou zich moeten schamen, maar laten we het voor de hele jonge lezers en lezers die jaren in een grot geleefd hebben nog maar eens uitleggen. Levin is een van ’s werelds bekendste bas en stick spelers en hij speelde op albums van onder meer Warren Zevon, David Bowie, Cher, Alice Cooper, Brian Ferry, John Lennon, Peter Gabriel en een oneindige lijst anderen. Van Gabriel is hij zo ongeveer de vaste bassist.
Op Stick Man haalt Levin alles uit de kast. Zoals de titel doet vermoeden speelt de kale muzikant een Chapman Stick, maar ook diverse andere instrumenten, zoals de NS cello en contrabas, synthbass, basgitaar en piano. Hij zingt en hij bespeelt ook nog eens gitaar en bas met zijn zogenaamde Funkfingers, soort verlengstukken voor aan zijn vingers. Een bijzondere man, die Tony Levin. Op deze cd werkt hij samen met onder meer King Crimson drummer Pat Mastelotto en deze heeft een belangrijke rol op de cd. Maar de hoofdrol is natuurlijk voor Levin zelf. Zoals we mogen verwachten klinkt de bas op alle nummers heerlijk vet aanwezig. Levin geeft echt een nieuwe dimensie aan de reeks bas-achtige instrumenten, zonder dat het irritant wordt of dat het teveel aanwezig is. Een basliefhebber zal genieten van deze plaat, maar ook voor niet-bassisten is het een lekker album. Qua sound is de cd lekker broeierig. Boven de vette melodieuze onderlaag horen we veel hypnotische geluiden en een fluisterachtige zang die soms aan The The doet denken. Een heerlijk broeierige plaat die me naar de zomer doet verlangen.