Samen met het Amerikaanse Spock’s Beard zijn The Flower Kings anno 2007 de vaandeldragers van het progrock-genre. Of, zo je wilt, ouderwetse symfonische rock. Deze bands hebben de meeste fans en de hoogste verkoopcijfers. Het Zweedse vijftal The Flower Kings gaat al ruim tien jaar mee. En dat is te horen. Liefhebbers van symfo zullen jaloers zijn op hun precisie, hun timing, de vele tempowisselingen en de vele breaks. Over zes tracks doen ze 75 minuten; rare jongens, die Zweden. Verwacht dus geen compacte songs met pakkende refreintjes: deze muziek gaat in een razend tempo alle kanten op. In de biografie worden vergelijkingen gemaakt met The Lamb Lies Down on Broadway. Sterker nog, volgens het promotiepraatje kan The Sum Of No Evil vergeleken worden met het meesterwerk van Genesis. Oké, de sound komt in de buurt en de stem van zanger Roine Stolt heeft wel iets weg van Peter Gabriel in zijn Genesis-dagen. Maar verder mogen deze Scandinaviërs dromen dat ze ooit het niveau van de composities van hun Britse voorbeelden benaderen. En wat doet bassist Jonas Reingold? Die is prominent aanwezig in de mix met zijn hoge, ietwat iele basgeluid. Niet als knorrend, donker basbeest dat op de achtergrond sober meebuldert. Meer een bassist die een poging doet om zoveel mogelijk noten binnen de minuut te spelen. Met verve overigens, menig inventief baslijntje komt voorbij. Maar een beetje neurotisch word je er wel van. Voor de liefhebber valt er genoeg te genieten op The Sum of No Evil, maar na een kwartier krijg je toch de behoefte aan het geluid van een knappende snaar of beter nog: een gitaar die uit de bocht vliegt en daar voorlopig niet meer terugkeert.