| Hij behoort tot de top van de Nederlandse jazzmuzikanten die Nederland rijk is, heeft met zijn Kikkermuziek ook de kids van de lage landen weten te bereiken en vindt basspelen vooral leuk als hij ook leiding kan geven. Tony Overwater, 43 jaar en geboren in Rotterdam, heeft al heel wat prijzen binnengehaald, maar is nog lang niet uitgespeeld. Hij heeft zich ruim twintig jaar vooral op de contrabas uitgeleefd en nu zorgt de herboren passie voor de basgitaar voor een extra dimensie in zijn oeuvre.
‘Mijn ouders waren niet bepaald muzikaal. Natuurlijk ben ik wel opgegroeid met klassieke en populaire muziek, maar geen van beiden was direct met muziek bezig. Wat dat betreft heb ik dat misschien meer van mijn opa. Mijn opa was visser en speelde viool en mandoline. Hij had ook een Hammond-orgel staan en toen ik een jaar of vijf was, mocht ik daar - met koptelefoon - melodietjes op spelen. Ik kreeg al jong een gitaartje en speelde blokfluit. De bas kwam pas veel later. En waarom het uiteindelijk de bas werd... Tja, dat weet ik eigenlijk niet.’
The Police ‘Toen ik op de middelbare school zat, vond ik reggae helemaal te gek. En The Police, een fantastische band in die jaren. Ik was vijftien jaar en er niet vies van om op de voorgrond te treden. Ik realiseerde me dat ik baslijnen heel leuk vond. Met Sting als voorbeeld hoefde je als bassist niet per definitie op de achtergrond te staan. Tegen mijn ouders zei ik: “Dit is wat ik wil gaan doen, muziek maken.” Hoewel ik nu wat anders denk over de manier waarop Sting zich manifesteerde, was hij toen voor mij “the man”. Achteraf vind ik dat hij te individualistisch is. Zo zegt hij op een van hun cd’s “my next song is...” Dan denk ik: je staat daar toch met z’n drieën te spelen!’
Kort daarop speelt Tony basgitaar in een bluesbandje. ‘Via de vader van de drummer volgde ik lessen bij Jacques Leroux in Gouda. Hij heeft mij de basis bijgebracht. Ik wist immers niets van akkoorden en notenschrift kon ik al helemaal niet. Door dit bandje kwam ik in aanraking met jazz, via de pianist. Deze muziek gaf mij de ruimte om op gevoel lopende baslijnen te spelen.’ Op dat moment stapt Tony over op contrabas. ‘Ik speelde alles: zelfs klassiek (strijken).’ Na slechts krap een jaartje contrabassen doet hij auditie voor de tweede lichting contrabas aan het conservatorium in Den Haag. ‘Wat dat betreft heb ik wel mazzel gehad, denk ik. De richting lichte muziek met als hoofdinstrument contrabas stond nog in de kinderschoenen. Achteraf gezien kon ik nog niet veel. Nu is het aanbod veel groter en de opleiding is inmiddels een feit.’
Gewoon muziek Na zes intensieve jaren van hard studeren aan het conservatorium verloopt de muzikale carrière van Tony als een speer. Samen met de jongens die hij kort na zijn studie leert kennen speelt hij vanaf 1990 in het Yuri Honing Trio, bestaande uit Yuri Honing op tenor en sopraansaxofoon, Joost Lijbaart op drums en Tony zelf op contrabas. In 1996 breken zij internationaal door met hun eerste cd Star Tracks. De cd bevat bekende popsongs die het trio op hun eigen muzikale wijze bewerkte. De vroege invloed van Sting blijft niet onopgemerkt. Nummer vier op de cd is Walking On The Moon van The Police. De toon is gezet. Diverse cd’s en optredens over de hele wereld volgen. Hun stijl is niet in een woord te benoemen. Maar dat is ook precies wat Tony wil. ‘Ik houd niet van stereotypen. Ik voel me niet zozeer jazzbassist. Ik speel gewoon muziek. Popmuziek, daar ben ik mee opgegroeid. Jazz kwam op mijn pad door de drang naar vrijheid.’ De basis van het trio is het best te omschrijven als jazz, popmuziek en wereldmuziek. In 2002 neemt het trio de cd Orient Express op. De cd is een muzikale ontmoeting met drie Arabische muzikanten. Rima Khcheich (zang), Basem Havar (djoser) en Latif Al-Obaidy (darabuka en riq) zijn gastmuzikanten die hun cultuur door de muziek laten voortleven. Met zangeres Rima Khcheich gaat Tony een langdurige samenwerking aan. Afgelopen voorjaar nam zij haar nieuwe plaat Falak op. De cd-presentatie op North Sea Jazz werd zeer enthousiast ontvangen. De baslijnen van Tony op deze plaat doen latin-achtig aan en vormen een lekker klinkende combinatie met de zang van Rima. ‘Op contrabas kun je perfect Arabische muziek spelen. Deze muziek gebruikt kwarttonen die wij in het Westen niet gebruiken, maar die je op een contrabas wel kunt spelen’, legt Tony uit. ‘Zoals in jazz de “blue note” zo kenmerkend is. Dat is een noot die “ertegenaan hangt”.’ Ook met zijn eigen Tony Overwater Trio, met Maarten Ornstein (tenorsaxofoon) en Wim Kegel (drums) boekt Tony veel succes. Een welverdiende bekroning kreeg Tony in 2002: hij won de VPRO/Boy Edgar Prijs. Dit is de belangrijkste prijs in Nederland voor jazz en geïmproviseerde muziek.
Kikker Toen schrijver-verteller-tekenaar Max Velthuijs, bekend van de Kikker-prentenboeken, Tony vroeg om zijn teksten van muziek te voorzien, kreeg de bassist er heel wat jeugdige fans bij. ‘Jazz wordt vaak gezien als muziek voor volwassenen. Kinderen zouden het toch niet snappen. Niets is minder waar’, vindt Tony. En dat blijkt. Kikker Swingt is een cd waarop Max Velthuijs zijn verhalen, die meestal over dieren gaan, heeft ingesproken. De jazz van het Tony Overwater Kwintet zorgt voor de muzikale omlijsting. De jazz van dit kwintet is niet moeilijk te begrijpen voor kinderen en dankzij Kikker heeft jazz een plekje in het hart van de kids gekregen. Jazz is cool, ook voor kinderen. ‘De leukste reactie die we hierop kregen, was die van een moeder die na een optreden naar mij toe kwam. Zij vertelde dat haar dochter van vier de Kikker Swingt-cd helemaal grijs draaide. Toen zij ergens jazzmuziek hoorde, riep ze heel hard: “Hé mama, Kikkermuziek!”’ Voor Kikker Swingt ontving Tony tijdens het North Sea Jazz for Kids een gouden plaat. Het gevolg van het succes is de nieuwe kindervoorstelling Kikker Heeft De Blues. Nico de Vries, die de in 2005 overleden Velthuijs opvolgt als verteller, sprak de verhalen in, wederom onder begeleiding van het Tony Overwater Kwintet. Tony geeft ook workshops voor kinderen en is werkzaam bij meerdere muziekprojecten voor kinderen. Stadsnootjes en Papa Pia is een samenwerking van Tony met zangeres Lotte van Dijck voor kinderen vanaf zeven jaar.
Altijd alert Wat is jazz? De Kikker-cd’s beogen de kinderen hier een antwoord op te geven. Maar wat is jazz eigenlijk volgens onze bassist? ‘Jazz is het leven. Expressie van het leven door geluid. Jazz gaat over gelijkheid. Het mag zo lelijk en zo mooi zijn als het leven zelf. Het is het gevoel van het moment uiten. De ultieme muzikale vorm van vrijheid. Dat is de reden dat ik jazz en daarmee samenhangend contrabas ben gaan spelen. Vaste noten spelen en op verplichte momenten een extra riedeltje ertussen proppen is niets voor mij. Ik heb ruimte nodig. Ik wil niet van tevoren bepalen wat ik speel. Improviseren is gelijk aan vrijheid. Ik ben een gevoelsbassist en ik moet kunnen reageren op wat er gebeurt. Ieder instrument vertelt zijn eigen verhaal en gezamenlijk vormen zij ook een verhaal. Daarom houden sommige mensen niet van jazz. Als je van tevoren wilt weten wat je te horen krijgt, zul je jazz niet snel waarderen, hoewel het inmiddels zo breed is. Kijk maar naar North Sea, waar ik een Norah Jones niet vind misstaan. Zolang de zanger(es) of muzikant(e) muzikale vrijheid heeft en dit toepast, vind ik dat hij of zij op het podium van North Sea moet kunnen staan. Of zoals Miles ooit zei: “Eerst luisteren, dan spelen.” Als ik een bepaalde noot hoor, weet ik wel welke noot ik daarna wil horen. Hoe je dat invult, zal altijd van je gevoel op dat moment afhangen. Het is een kwestie van leiden en volgen. Op ieder moment moet je je aan kunnen passen. Je moet altijd alert in het leven staan.’
Meeblèren Na zo’n 20 jaar samenspelen komt ook bij muzikanten de klad er wel eens in. Bij Tony en het Yuri Honing Trio was dat vorig jaar het geval. ‘We kregen ruzie en hadden er geen zin meer in. Ik heb toen snel op Marktplaats drie kaartjes voor The Police, die toen net in Nederland kwam, gekocht. Was trouwens de eerste keer dat ik hen live zag! Na een paar minuten stonden we al gauw met z’n drieën mee te blèren en was alles weer oké.’
Hoe word je een goede bassist? ‘Je moet absoluut niet uit boeken gaan spelen. Gooi al je boeken weg en koop een goede cd. Laat je desnoods door iemand adviseren welke cd of welk nummer geschikt is. Schrijf de hele baspartij tot in details uit. Zo leer je wat de essentie van basspelen is. Ik deed dit tijdens mijn studie met We Get Requests van Oscar Peterson met Ray Brown op bas. Ik ken ieder zuchtje van die plaat. Het kost je wat tijd, je bent minstens een paar dagen bezig. Probeer de timing en de frasering puur na te doen en de baspartij tot op het bot toe uit te zoeken. Zo kom je het dichtst bij de bron van hoe iemand speelt. Als je dan toch bezig bent, ga dan ook op zoek naar het originele (eerste) nummer, mocht het een cover zijn. Ik deed het met Have You Met Miss Jones? Als je teruggaat naar de bron kom je soms op heel andere versies uit. Zorg tijdens het spelen altijd voor een goede timing, speel zuiver en ga alleen voor het allerhoogste niveau. Alleen dan kun je je ontwikkelen. Als bassist moet je zo snel mogelijk gaan samenspelen met andere muzikanten. Het contact met de drummer is heel belangrijk. Samen zijn jullie de basis voor het ritme. Communicatie is minstens zo belangrijk als kwaliteit. Gisteravond nog speelden wij in het Bimhuis ten behoeve van het India Music Festival. Als je dan kunt kiezen uit een paar verschillende Indiase volksmuzikanten ga ik niet voor degene die het best speelt, maar voor degene bij wie je het gevoel hebt dat het klikt. Tijdens het spelen moet je communiceren, alleen dan kun je improviseren en goede muziek maken.’
Cellosuite Zijn derde cd, getiteld OP, droeg Tony op aan bassist Oscar Pettiford. Deze voorbeeldbassist leidde zijn eigen groepen. En dat is wat Tony naast het basspelen zelf ook het liefst doet. ‘Ik moet altijd op twee benen lopen. Bassen en leider zijn is voor mij de ideale combinatie. Het kost veel tijd maar houdt het spannend. Componeren is voor mij ook heel belangrijk. Wat ik graag nog zou willen is in Japan optreden. We hebben ruim 45 landen aangedaan, maar Japan zat daar nog niet bij.’ Bob Marley, Anton Weber, Charles Mingus, Miles Davis, Sting, Ray Brown, Dave Holland, J.S. Bach en Elis Regina zijn een paar van de mensen door wie Tony beïnvloed is. ‘Van Dave Holland heb ik les gehad. Typerend voor zijn spel is structuur en strak georganiseerd spelen. Charlie Haden is het andere uiterste hiervan. Ook bij hem volgde ik lessen. Hij speelt gevoelsmatig en gaat uit van emotie. Mijn eeuwige frustratie, of beter gezegd: muzikale doel, is om tussen deze twee manieren van spelen een balans te vinden. J.S. Bach is mijn eeuwige leermeester om melodie in baslijnen aan te brengen. Zijn cellosuite gebruik ik als dagelijkse oefening.’
Yuri Honing Wired Paradise Met de rockjazzformatie Yuri Honing Paradise brengt Tony de cd Temptation uit. Met Tony op basgitaar laten de jongens hun stoere, ruige maar toch ook gevoelige kant horen. En nieuw geluid, geheel van deze tijd. Verder is het Tony Overwater Trio een samenwerking aangegaan met de klassieke formatie Calefax Rietkwintet. ‘Zoals Duke Ellington ooit tourde door het Midden- en Verre Oosten, doen wij dat nog eens dunnetjes over.’ Nieuwe composities met Ellington als inspiratiebron worden ten gehore gebracht. ‘Het verbaast mij hoeveel ik heb geleerd door met deze klassieke muzikanten samen te werken’, aldus Tony. Het project loopt door tot in 2009.
Toekomst ‘Voorlopig geniet ik van het reizen en het spelen. Ik heb een jaar les gegeven op het conservatorium, maar een vaste dag in de week daarvoor inplannen is geen optie met al dat reizen. Misschien dat het later nog eens kan, want ook lesgeven is heel erg leuk!’
www.tonyoverwater.com
Tony’s gear ‘Voor opnames speel ik op een Franse contrabas uit ongeveer 1850. Als ik moet reizen, dus voor alle buitenlandse optredens, neem ik mijn nieuwe contrabas mee. Dit is een Hongaarse van ongeveer duizend euro. Het risico dat er onderweg iets mee gebeurt is te groot’, weet de bassist uit eigen ervaring te vertellen. Toen Tony in Caïro was, vond een nachtmerrie plaats. Tijdens het reizen bleef de bas niet heel. Tony won advies in en wist een en ander met lijm en klemmen (hij zette de bas klem tussen twee hotelstoelen) te herstellen. Probleemplekken zijn vooral vliegtuigen en roltrappen. Klem zitten met je bas op de roltrap en er een losse toets en klankkast aan overhouden, is niet tof. ‘Deze Hongaarse bas vervoer ik in een lichte kist van piepschuim, dan weegt ie precies 20 kilo. Zo kan ik zonder overgewicht de hele wereld over. Kleding, laptop en andere benodigdheden kan ik beperkt meenemen als handbagage. Verder heb ik nog een kleine verzameling basgitaren: een Fender Jazz, Precision en een Telecaster. Als versterking een Fender Bassman. Die is net zo oud als ik! Het geluid van die oude bassen is nog steeds fantastisch. Ze hebben echter wel wat meer nukken dan een nieuwe basgitaar.
Ik heb een endorsement bij het Nederlandse merk Hevos. Ik speel op een Hevos Compact: dat is een goede hybride versterker voor zowel contrabas als elektrische bas. Voor optredens neem ik altijd mijn eigen voorversterkers mee. Met Arte Mic-preamps van pakweg € 50,- heb je overal een goed geluid op bas en basgitaar: een warm geluid zonder al het laag te verliezen. Met contrabas is het beter om geen DI te gebruiken, dat verwoest het geluid. Ik speel op kunststof contrabassnaren die met staal omwonden zijn, van het Zwitserse merk Velvet Compass 180. Niet goedkoop, wel heel goed. Mijn contrabaselement is een Fishman Full Circle gecombineerd met een condensatormicrofoon, de Audio-Technica ATM350.’ |