| Moke. Het is bijna een belediging de band nog eens te introduceren. Met optredens in uitverkochte zalen door heel Nederland en op festivals als Pinkpop en Sziget, een wekelijkse spot bij De Wereld Draait Door, optredens met Paul Weller, een goedverkopende cd, een kledingdeal met Karl Lagerfeld en endorsementdeals met Orange en Ludwig mag het Moke-verhaal gerust als successtory betiteld worden. Onlangs bracht de band een festivaleditie uit van zijn debuutalbum Shorland, inclusief een tweezijdige bonus-cd/dvd. Het is de hoogste tijd om de ritmetandem eens aan de tand te voelen.
Op een zonnige voorjaarsavond, net voor Pinkpop, spreken we af bij het Amsterdamse oefencomplex waar de band zijn hoofdkwartier heeft. ‘We hebben hier onze eigen oefenruimte, maar die staat zo overvol met al onze spullen dat we er meestal eentje bij huren om te repeteren.’
Drummer Rob Klerkx en bassist Marcin Felis arriveren op de fiets. Het Hollandse tintje van Moke? Natuurlijk zijn beide heren in het Lagerfeld-zwart. Naast Rob en Marcin bestaat de band uit de Nederlandse Ier Felix Maginn (zang, gitaar), ex-Tröckener Kecks-gitarist Phil Tilli en Eddy Steeneken, die onlangs door zijn vakbroeders werd uitgeroepen tot beste toetsenist van Nederland. We nemen plaats aan een gammele picknicktafel achter het complex. Het Pinkpop-gevoel!
Fucking strakke slaggitarist Frontman Felix Maginn had eerder een succesvolle band. Met Supersub speelde hij als eerste Nederlandse band op London Calling; een festival waar Moke later ook speelt. De optreedlijst siert voorprogramma’s van Weller, Ocean Colour Scene, Stereophonics en festivals als Pinkpop en Lowlands. Klerkx speelde in de laatste line-up van deze britpopband. Klerkx: ‘Daarvoor heb ik in diverse bands gezeten. Sinds mijn puberteit heb ik volgens mij wel 150 bandjes versleten. Ik werd er elke keer uitgeknikkerd!’, lacht hij. ‘Ik schrijf zelf nummers en vorig jaar kwam mijn soloalbum uit. Ik heb altijd contact gehouden met Felix, dat ging eigenlijk vanzelf. Hij kwam met een initiatief en het was logisch dat we weer samen zouden spelen. Muzikaal en persoonlijk hebben we een klik. Ik vind hem een ontzettend goede schrijver en als hij met ideeën komt, kan ik die goed uitarrangeren.’ ‘Muzikaal gezien zijn ze samen goud waard’, vult Marcin aan. ‘De strakheid tussen die twee merk je meteen en Rob kan Felix’ ideeën goed interpreteren en aanvullen.’ Rob: ‘En als je het betrekt op de ritmesectie, dan is Felix een “fucking” strakke slaggitarist en dat zie je niet vaak. Dat is te gek als drummer en daarom speel ik graag met hem.’
Focus ‘Een bassist voor Moke vinden was lastig, omdat we niemand uit onze kring wisten. We kenden wel bassisten, maar niemand die bij Moke zou passen. Marcin kwam via Phil, of eigenlijk via de broer van Phil (Robert Tilli, van Muziek Centrum Nederland - CD). Voor mij kwam hij “out of the blue”, maar het klikte meteen. Een groot voordeel was dat Marcin heel open minded was om in de band te groeien. Inmiddels drukt hij een dikke stempel op de band. We zochten een bassist die mij in de eerste instantie zou volgen en dat ging heel natuurlijk.’ Marcin: ‘Ik kwam als broekie in de band. Ik heb wel een soort van cv, maar ik ben van huis uit gitarist. Ik merkte dat ik meer wilde in bands. Ik heb een tijdje gedrumd, maar ik wilde steeds iets anders om goed te zien wat er allemaal kan. Ik had een paar bands waarin ik spelenderwijs groeide. Toen ik bij Moke kwam, merkte ik dat ik veel dingen niet had geleerd. De manier waarop Rob drumde was wennen en ik moest me bewust maken van mijn manier van spelen. Ik speelde in een band waarin de bas een heel andere functie had. Ik moest veel leren, maar dat was juist oké. De betonlaag die Rob en ik moeten leggen, is heel belangrijk. Ik was eigenlijk aan het afstuderen en ik had iets van vier bands. Ik werd gebeld en ik besloot om toch maar even te gaan kijken. Het klikte meteen en ik zag dat deze mensen heel serieus bezig waren. Ik maak het liefst muziek en dat zou ik hier kunnen doen.’ Rob: ‘Die focus die hij uitstraalde, was voor ons heel belangrijk.’ ‘Als het goed zou gaan, was ik bereid om al die andere bandjes aan de kant te zetten’, vervolgt de bassist. ‘Dat was leuk en leerzaam, maar hier wilde ik echt voor gaan. Ik kreeg wat opnames en ik dacht: als de zanger zo klinkt, dan wil ik wel!’
Concept ‘Er waren al een paar nummers af. Die heb ik ingespeeld zoals me dat gevraagd werd en ik heb alleen wat details veranderd. Daarna werd er steeds meer samen geschreven en vanaf dat moment heb ik de nummers ook echt zelf ingevuld. We spreken elkaar heel direct aan op partijen, dat is wel onze kracht, en Rob dacht heel erg mee met mijn partijen. Sommige nummers speel ik nog steeds zoals ze opgenomen zijn, omdat dat gewoon klopte. Soms is het verleidelijk om je te laten gaan als je op het podium staat, maar de partijen zijn in de studio op hun sterkst gearrangeerd. Live spelen we wel wat sneller, maar we laten ons niet gaan.’
Rob: ‘Moke is zeker een geregisseerde band. We hebben duidelijke keuzes gemaakt en we zijn zeer conceptueel. Dat is een manier van muziek maken waar we echt van houden. We kunnen niet alles doen binnen deze band en natuurlijk maken we er wel eens grappen over. In de oefenruimte spelen we wel eens als geintje een latinjazz-versie. Dat kunnen we wel, maar dat willen we niet.’ Marcin: ‘Natuurlijk hebben we veel plezier en binnen Moke zijn we echt vrienden geworden. Dat is echter niet de insteek. Dat is het concept, de muziekstijl en de muzikale klik.’ Rob: ‘Binnen het regisseren zit lol en dat snappen mensen wel eens niet. We kiezen voor het concept en we genieten van het kiezen daarin. We kiezen geen concept om het concept, maar omdat we het echt mooi vinden. We hebben voor pakken gekozen want daar houden we ook van; we houden van zwart.’
Pompende achtsten Rob: ‘Bij Moke draait het erg om de drums en bas en om hóe je dingen speelt.’ Marcin: De beste optredens zijn die waarbij we “naar achter” hebben gespeeld. Diep en niet opgefokt. Rob is enorm strak. Punten waar drummers normaal versnellen of vertragen, worden door Rob opgevangen. Hij kan naar achter blijven spelen en niet vertragen of op een hoog tempo achterin spelen. Drummers willen alles volrammen en Rob natuurlijk ook, maar hij weet wanneer ie zich moet inhouden.’ ‘We zijn een goed team met zijn tweeën!’, roept Klerkx. Marcin: ‘We zijn niet bang voor functionaliteit. Ik speel heel simpel, maar manier waarop is belangrijk: pompende achtsten. Die paar momenten dat ik de hoogte in duik, vallen daarom extra op. Virtuoos zijn doe je alleen, maar dik tapijt leggen doe je voor de hele band.’
‘Moke heeft qua geluid bewust gezocht naar iets duisters en straks’, meent Marcin. Rob: ‘Felix heeft de liedjes geschreven. Dat zijn gewoon popliedjes. Met de band hebben we de stijl bepaald. Felix wilde wel meer to the point en iets meer eighties á la The The. Hij is ook anders gaan zingen.’ Marcin: ‘Nadat de plaat is uitgekomen, heeft de band zich erg ontwikkeld. We zijn live energieker en dat is het doel voor tweede plaat. Met de Shorland-festivaleditie wilden we graag die live-kant laten horen en zien. Het is een goede samenvatting van waar we nu staan.’ Rob: ‘De volgende plaat zal breder qua sound worden, maar we gaan voortborduren op onze sterke kanten. Qua ritmesectie zijn de singles het mooist. Daarin zitten mooie, duidelijke ritmepartijen, die toch niet geijkt zijn. Maar daarover zijn we nog aan het brainstormen. Er is nog niets concreet, maar de productie wordt groter.’
Wit klinkt goed ‘Succes in het buitenland is ambitie nummer 1, maar we kunnen ook in Nederland groeien. We kunnen als band nog steeds vooruitgang boeken en een nog betere plaat maken. Het doel is muziek maken en niet succes. Natuurlijk moeten er singles zijn, maar Felix zingt alleen dingen waar ie achter staat’, vertelt Marcin. Rob: ‘We hebben in elk geval potentie. Dat vertrouwen hebben we allemaal wel. Toen we tourden met Weller kregen we supergoede reacties van de pers en publiek. Engels publiek is heel kritisch, die lopen zo weg als ze je niks vinden.’
Spullen Marcin: ‘Ik speel mijn USA Precision via twee Orange AD200B-tops. De een voedt de twee 4x10’s en de ander twee 1x15’s Zo kan ik het geluid mooi mixen en ik heb nu een te gekke sound. Oh ja, ik heb ook nog een Russische groene Big Muff.’ Rob: ‘Ik speel op een witte Ludwig American Classic Maple Custom-set. Ik speel qua toms op 13”, 16”, 18” en een normale bassdrum van 22“. Het is een waanzinnig drumstel. Het speelt zwaar, je moet werken, maar dat past bij Moke. Als kind droomde ik al van een witte Ludwig! Het staat mooi bij de zwarte pakken. En wit klinkt goed, ha!’
www.mokemusic.com
     
Klik voor meer foto's |